Media en technologie zijn afgelopen decennia ontzettend veranderd. Zoals het wiel de voet verlengde, zo verlengt media en technologie onze menselijke waarneming. We kunnen verder kijken dan alleen datgene wat zich binnen onze eigen kringen afspeelt. Daarmee verander je de samenleving, de cultuur en dus de mens.
De radio was bijvoorbeeld een uitvinding die de wereld ingrijpend heeft veranderd, evenals kunstlicht. Ineens was het mogelijk om ’s nachts iets anders te doen dan slapen en het verschil tussen dag en nacht werd kleiner. De uitvinding van het internet wordt ook al gezien als een nieuw tijdperk. Het digitale tijdperk.
Oude en nieuwe media
Met media gebeurde hetzelfde. De cultuur veranderde, onze wereld werd groter. Vroeger leek het nieuws compacter, meer behapbaar en overzichtelijker. De meeste mensen kregen dezelfde informatie binnen via dezelfde krant, dezelfde radiozenders en televisieprogramma’s.
Dit wil echter niet zeggen dat iedereen hetzelfde was, dacht en informatie op dezelfde manier geïnterpreteerd werd. Absoluut niet. Daarnaast bood dat niet alleen voordelen, aangezien over het algemeen de heersende opvatting werd verkondigd waardoor minderheden niet of nauwelijks werden gehoord. Er werden minder perspectieven belicht. Maar het gevoel dat de media vandaag de dag zo overheersend is en informatie overal en nergens te vinden is en dat voor toenemende informatiestress zorgt, baat mij soms zorgen.
Een cadeautje voor mijn kleinzoon (en voor mij)
Mijn kleinkinderen lezen geen krant, kijken geen journaal, maar zijn wel geïnformeerd over de problematiek die er speelt in de wereld. We spreken soms elkaars taal niet meer. Zij hebben het voordeel opgegroeid te zijn in een digitale wereld. Waar de oudere generatie vooral passieve media consumeert (krant, boek, televisie), gebruikt de jeugd vooral actieve media (games, social media, interactieve mediasites of forums).
Nu is het misschien zo dat er altijd grote kloven bestaan tussen de oudere generatie en de jongere, maar op dit punt wilde ik kijken of ik die kloof een beetje kon dichten. Ik gaf mijn kleinzoon van 20 een abonnement op de Volkskrant via proefabonnementkrant.com en hij maakte voor mij een Facebook-account en een Twitter-account aan.
Ook creëerde hij een extra speler in een game die hij graag speelt. Ik snap er niet heel veel van, maar hij komt nu om de dag naar mij toe om het samen te spelen. Het is op de computer en het klopt wat hij zei: in de ‘chat’ die bij het spel hoort, worden super veel nieuwsberichten gedeeld van over de hele wereld. ‘Goed voor je Engels opa.’
Ik weet niet goed of hij de krant echt van voor naar achteren leest en weer terug. Maar dat hoeft ook niet. In een dikke zaterdagkrant staat evenveel gedrukte informatie als mensen in de zeventiende eeuw in een heel leven onder ogen kreeg. Ik vind het idee mooi dat onze werelden ietsje dichter bij elkaar zijn komen te liggen.
De vraag die me toch blijft bezighouden: Vormen de media ons of vormen wij de media?